← Alle standpunten

Kinderopvang

  • Dit is momenteel één van de belangrijkste beleidspunten in onze stad en moet dat in de komende legislatuur wat ons betreft ook zijn. De plaatsen in de kinderopvang in onze stad worden in grote mate bepaald door de subsidies die vanuit Vlaanderen komen. De stad heeft dus niet als enige of volledige controle over de realisatie van dit beleidspunt. Desalniettemin moeten we doorzetten, want meer kinderopvang is iets waar onze inwoners rechtstreeks mee geconfronteerd worden en waarmee we een directe verbetering van hun leven kunnen waarmaken.
  • Het lobbywerk ten aanzien van de Vlaamse overheid moet doorgaan. Dit lobbywerk bestaat o.a. uit bezoeken aan het kabinet, briefwisseling, het aanreiken van relevante tellingen en bevolkingsinformatie. Onze diensten volgen de subsidie-oproepen goed op en dienen stevig onderbouwde dossiers in.
  • In afwachting van meer actie vanuit Vlaanderen kan de stad wel overgaan tot het opstarten van nieuwe opvanginitiatieven. De stad deed dit in het verleden al samen met Woonpunt Zennevallei, het OCMW en een privépartner (nl. Landeliike Kinderopvang). Begin 2018 ging het ‘Goudvinkje’ open, dewelke een opvang is met 18 bedjes. Naast de reguliere opvang is er een deel voorzien voor bewoners van de sociale huisvesting en klanten van het OCMW. Dit initiatief moet in de toekomst verdere navolging krijgen, gespreid over het ganse grondgebied van onze stad en haar deelgemeenten.
  • Er bestaat al een subsidiereglement waarbij zelfstandige kinderopvanginitiatieven financieel ondersteund worden bij de opstart of bij de uitbreiding. We moeten dit reglement kritisch blijven bekijken en bijsturen waar nodig, zodat we zelfstandige onthaalouders maximaal aanmoedigen om een opvang te starten of uit te breiden.
  • Eén van de redenen dat er weinig personen in de private kinderopvang willen stappen is de toenemende administratieve rompslomp. Een overleg met “Kind en Gezind” om deze administratie te beperken zou een positief effect kunnen hebben.
  • We kunnen werkzoekenden stimuleren om onthaalouder te worden. Dat gebeurt natuurlijk via een opleiding en in samenwerking met een privépartner.
  • We moeten aandachtig blijven voor een goede spreiding van de kinderopvang over het volledige grondgebied. In Lembeek is een inhaalbeweging nodig..
  • Het loket ‘Kinderopvang’ neemt een cruciale plaats in bij de stedelijke informatie in verband met opvang en de invulling van de beschikbare plaatsen. Het loket zal verder uitgebouwd worden voor de hele nabije regio, dus samen met de buurgemeenten Beersel en Sint-Pieters-Leeuw.
  • Het  stedelijk kinderdagverblijf Pagadderke kampt met lange wachtlijsten. Uitbreiding van dit stadsinitiatief dringt zich op van zodra de vereiste erkenning en gelden volgen vanuit Vlaanderen.
  • Het project BKO (buitenschoolse kinderopvang) heeft haar verdienste sinds haar opstart bewezen. Ook hier is uitbreiden voor ons aan de orde, gelet op de grote vraag tijdens het schooljaar en de schoolvakanties. We moeten hiervoor ook actiever samenwerken met de scholen. 
  • We kunnen de haalbaarheid nagaan van de oprichting van een CIK (Centrum Inclusieve Kinderopvang), waarbij de kinderopvang toegankelijk gemaakt wordt voor kinderen met specifieke zorgbehoeften. We beseffen wel dat dit niet eenvoudig zal zijn.